Reglement beleidsregels adverteren via verwijzers

Mag de notaris adverteren in een krantje van de makelaar?

Beleidsregel vastgesteld door het bestuur van de KNB op 20 oktober 2005

Het bestuur van de KNB is van mening dat het in strijd is met artikel 17 van de Wet op het notarisambt (Wna) en artikel 26 van de Verordening beroeps- en gedragsregels (VBG), via gegevensdragers van, dan wel samen met een specifieke verwijzer of groep van verwijzers, al dan niet tegen betaling, wervende publiciteit te bedrijven of te doen bedrijven.

Genoemd artikel 17 verplicht de notaris zijn ambt in onafhankelijkheid uit te oefenen, waarbij hij de belangen van de bij een rechtshandeling betrokken partijen op onpartijdige wijze en met de grootst mogelijke zorgvuldigheid behartigt. De onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de notaris dient zowel in wezen als in schijn te zijn gewaarborgd.

Sinds na het vrijlaten van de tarieven de concurrentiestrijd verhevigde, groeit de behoefte aan duidelijkheid. Duidelijkheid over de grenzen waarbinnen marktwerking is toegestaan en dus duidelijkheid over de vraag in hoeverre deelname aan bepaalde marktinitiatieven is toegestaan.

Duidelijkheid kan voor een deel worden verkregen door het vaststellen van beleidsregels. Een beleidsregel kan worden gezien als een door het bestuur van de KNB openbaar gemaakte interpretatie van bestaande regelgeving. Als bestuursorgaan is het bestuur bevoegd tot het vaststellen ervan (artikelen 4:81 tot en met 4:84 Algemene wet bestuursrecht).
Een van de regels die duidelijk interpretatie behoeft is artikel 17 Wna:

1. 'De notaris oefent zijn ambt in onafhankelijkheid uit en behartigt de belangen van alle bij de rechtshandeling betrokken partijen op onpartijdige wijze en met de grootst mogelijke zorgvuldigheid.'
en
2. 'De notaris mag zijn ambt niet uitoefenen in dienstbetrekking of in enig ander verband waardoor zijn onafhankelijkheid of onpartijdigheid wordt of kan worden beïnvloed.'

Uit de regel moet worden gelezen dat de notaris onafhankelijk dient te zijn, zowel in wezen als in schijn. Hoe pakt dat uit voor een notaris die aan publiciteit wil doen en daarvoor, op zich voor de hand liggend, de middelen van zijn 'verwijzer' wil inschakelen? Niet goed, zo meent het bestuur, want juist daarmee zet die notaris zijn onafhankelijke positie, op zijn minst in schijn, op het spel. Dat is in strijd met artikel 17 Wna.
Om duidelijkheid te scheppen over het vervolgingsbeleid van de KNB heeft het bestuur tot de beleidsregel besloten. Men realisere zich de beperkte strekking van de beleidsregel. Er is geen enkel bezwaar tegen wervende publiciteit, mits dat 'autonoom' gebeurt, dus buiten de relatie die de notaris met zijn verwijzers heeft.

Begripsomschrijvingen

''Verwijzer'
Een verwijzer kan worden gedefinieerd als de persoon die beroepshalve een cliënt naar een notaris pleegt te verwijzen. De makelaar, de accountant, de bank, de belastingadviseur en de hypotheekbemiddelaar zijn hiervan goede voorbeelden.
'Gegevensdragers van, dan wel samen met een specifieke verwijzer'
Voorbeelden van gegevensdragers zijn de krant en het internet. De gegevensdrager mag niet van de verwijzer zijn (denk aan de website van een makelaar of een door een makelaar uitgegeven woningkrant), bovendien mag niet samen met een verwijzer aan publiciteit worden gedaan (denk aan de website van een willekeurige derde waarop zowel de hypotheekadviseur als een notaris adverteert).
'Wervende publiciteit'
De beleidsregel beperkt zich tot wervende publiciteit. Onder wervende publiciteit worden alle vormen van publiciteit verstaan, met uitzondering van beroepsinhoudelijke bijdragen die (een deel van) het werkterrein van de notaris betreffen, maar waarvoor hij niet betaalt. Daarbij is het toegestaan onder een bijdrage de naam van de schrijver en zijn kantoor, eventueel met logo, te vermelden.
'Artikel 26 VBG'
Dit artikel verplicht de notaris 'er op toe te zien dat publiciteit die door of ten behoeve van hem wordt bedreven in overeenstemming is met de zorgvuldigheid die een behoorlijk notaris betaamt en geen inbreuk vormt op het streven in het notariaat naar een onderlinge verhouding die berust op welwillendheid en vertrouwen'.
De beleidsregel is uitvoerig in de ledenraad aan de orde geweest en door de ledenraad nog enigszins aangescherpt. Ook in het rapport van de commissie Hammerstein staat een hiermee corresponderende aanbeveling. Aan dat rapport wordt het volgende ontleend.
"Adverteren via een makelaar is niet toegestaan om elke schijn van afhankelijkheid te vermijden. De commissie wijst ook op de voordelen die aan reclameactiviteiten verbonden zijn als deze geschieden op een wijze die in overeenstemming is met de waardigheid van het ambt. De notaris kan daarmee inzicht verschaffen in de kwaliteit van zijn dienstverlening, het bestaan van bijzondere expertise en de transparantie van zijn tarieven.

Aanbeveling 7.8
Mits de notaris zich houdt aan de eisen die het ambt stelt, is het maken van reclame een geoorloofde en soms zelfs nuttige activiteit.

Aanbeveling 7.9
(...) Notarissen mogen echter aan andere dienstverleners, zoals makelaars, noch een beloning betalen noch in het vooruitzicht stellen teneinde op deze wijze cliënten te werven." (Rapport Commissie Evaluatie Wet op het notarisambt, Het beste van twee werelden, 2005, pag. 67)

 
Vademecum 2010 Regelgeving Notariaat
 

Mijn bedrijfsvorm
Zo zijn we niet getrouwd

Twitter

Nieuwsbrief