WORDT WETSVOORSTEL PERSONENVENNOOTSCHAPPEN PER 1 JULI 2009 INGEVOERD?
Bij de Eerste Kamer ligt het wetsvoorstel van de personenvennootschappen. Bij de inwerkingtreding van het wetsvoorstel zullen de huidige personenvennootschappen, bijvoorbeeld de maatschap en de vennootschap onder firma, verdwijnen en worden vervangen door nieuwe rechtsvormen. Twee van deze rechtsvormen zijn de openbare vennootschap zonder rechtspersoonlijkheid (OV) en de openbare vennootschap met rechtspersoonlijkheid (OVR).
De behandeling van de invoeringswet van de personenvennootschappen was onder meer opgeschort door een brandbrief van MKB-Nederland en VNO-NCW. De staatssecretaris van Justitie heeft hierop medegedeeld zich niet in de kritiek van deze brief te kunnen vinden en acht verdere vertragingen onwenselijk. De staatssecretaris hoopt dat de invoering van de nieuwe regels op 1 juli 2009 plaatsvindt.
Het wetsvoorstel heeft onlangs de volgende aanpassingen ondergaan:
Het voortzetten van de vennootschap door een derde: geen vereffening
Bij de ontbinding van de vennootschap hoeft geen vereffening plaats te vinden, in het geval de vennootschap door een van de voormalige vennoten wordt voortgezet. Bij de voortzetting is ook de mogelijkheid geboden om de vennootschap voort laten te zetten door een derde (toetreder/opvolger), bijvoorbeeld door de kinderen van een vennoot of door een door de vennoten daartoe opgerichte NV/BV. Daarbij hoeft deze voortzetting niet per se (vooraf) in het vennootschapscontract te zijn vastgelegd.
Overdrachtbelasting: overgangsmaatregel bij omzetting personenvennootschap in OVR
Om de invoering van de nieuwe OVR zo min mogelijk te belemmeren, is voor de overdrachtbelasting een overgangsregeling voorgesteld. Openbare vennootschappen zonder rechtspersoonlijkheid drijven een onderneming. Indien de onderneming binnen een jaar na de inwerkingtreding van het wetsvoorstel omgezet wordt in een OVR, leidt dit niet tot heffing van de overdrachtbelasting. Na de omzetting kan een wijziging plaatsvinden van de onderlinge verhouding van de vennoten tot het deel, waarop zij recht hebben, in het vermogen van de OVR. In het geval deze wijziging binnen drie jaar na de omzetting plaatsvindt, brengt dit niet met zich mee dat het recht op de vrijstelling van de overdrachtbelasting achteraf wordt teruggenomen.
